Water, water en nog eens water!
Grondwater is een belangrijke bron voor drinkwater. Maar het is ook een levensvoorwaarde voor veel water- en moerasplanten. Zij hebben grondwater nodig dat schoon is en een bepaalde samenstelling heeft. Andere plantengemeenschappen stellen minder hoge eisen aan hun drinkwater.
De winning van grondwater is aan wettelijke regels gebonden. Eén van die regels is dat er evenveel water uit de grond gehaald mag worden als de hoeveelheid neerslag die aan de grond wordt toegevoegd. Deze regel lijkt logisch, maar er zijn ondergrondse processen die aantonen dat de natuur andere regels gebruikt.
Regenwater dat op hoge zandgronden valt, stroomt ondergronds af naar lager gelegen gebieden en komt als kwelwater weer aan de oppervlakte. Veel plantensoorten, zoals water- en moerasplanten zijn van het kwelwater afhankelijk. Door de winning van grondwater op de hoge zandgronden blijft er weinig kwelwater over. Dit is funest voor veel planten.
In het waterbeheer moeten daarom keuzes gemaakt worden. Om dit op een grondige wijze te doen, zijn er zogeheten 'ingreepeffectenvoorspellingsmodellen' ontwikkeld. Met als hamvraag: welke bestemming krijgt het grondwater?