Hompage Universiteit Utrecht
 Home    Onderwerpen    Zoek op titel
Sterren

Rode reuzen en witte dwergen

Als je 's nachts naar de hemel kijkt zie je honderden sterren. Jonge sterren, oude sterren, alles door elkaar. De ster die het dichtst bij de aarde staat, is de zon. De zon en de sterren die je met het blote oog kunt zien maken deel uit van ons 'melkwegstelsel', dat zijn er bij elkaar wel 2000 miljard! Sterren, en dus ook de zon, zenden een enorme hoeveelheid energie uit in de vorm van straling. Ondanks dit energieverlies kunnen sterren miljoenen of zelfs wel miljarden jaren blijven stralen.

De oudste sterren die we kennen zijn even oud als ons melkwegstelsel, namelijk 15 miljard jaar oud. Vergeleken daarmee is de zon een jonkie: zij is 'slechts' 4,6 miljard jaar oud. Maar er zijn ook sterren die veel jonger zijn, er worden zelfs nog steeds sterren geboren.

De zon is qua helderheid een middelmatige ster. Er zijn sterren die een miljoen maal zo helder stralen als de zon. De zwakste sterren stralen maar een duizendste van de hoeveelheid energie van de zon uit.

De energiebron van sterren is kernfusie; voornamelijk de omzetting van waterstof (H) in helium (He). De energievoorraad hangt af van de massa van de ster en de fractie waterstof. Aan de hand van de voorraad waterstof van een ster kun je berekenen hoe oud een ster kan worden. Dan blijkt dat de zwaarste sterren maar kort leven en de lichtere het langst.