De oerknal, het bijbelse scheppingsverhaal en andere verhalen over het begin
Hoe begon het eigenlijk?
Hoe is het allemaal begonnen? Hoe is het menselijk leven ontstaan? Waar komt leven vandaan? Hoe zijn goed en kwaad in de wereld gekomen? Wat was er eerder, de kip of het ei? Het zijn vragen die mensen zich overal en altijd hebben gesteld. Vragen waarop tot nu toe nooit een sluitend antwoord is gegeven.
Vóór de ontwikkeling van de moderne wetenschap werden antwoorden vooral gegeven in verhalen, scheppingsverhalen: over de aarde, over mensen, over goden. Het bijbels scheppingsverhaal is in onze westerse wereld wel het meest bekende. Met de ontwikkeling van de moderne wetenschap kwamen de vragen. Hoe valt het scheppingsverhaal uit Genesis te rijmen met wetenschappelijke inzichten als bijvoorbeeld de evolutieleer? De twee benaderingen leken elkaar lang uit te sluiten. Of je geloofde in de schepping, of in de evolutie. Tegenwoordig ziet men echter steeds meer in, dat de ene benadering de andere niet hoeft uit te sluiten. Met betrekking tot de natuurwetenschappelijke verklaring voor het begin van de wereld ziet men inmiddels in dat het ook hier gaat om visies, niet om feiten. De natuurwetenschappelijke verklaringsmodellen zijn evenzeer eigentijdse verhalen over het begin. Bovendien is het bijbelverhaal nooit bedoeld als een natuurwetenschappelijke verklaring, maar is het een belijdenis. Een belijdenis, dat de God, waarmee mensen eeuwenlang ervaring hadden opgedaan, ook degene is, die aan het begin van alles staat. Een belijdenis, die Gods lof zingt. Gelezen als een belijdenis, blijft het verhaal volledig actueel.