Geneeskunst in het verleden
Harmonie en disharmonie
Aderlating, opening van schedels zonder verdoving, relieken van heiligen of gekloofde kippen die op het hoofd van de zieke werden gelegd. In het verleden dacht men anders over zieke mensen en geneeskunst dan nu. Eeuwenlang werd het menselijk lichaam beschouwd als een samenstelling van vier sappen: zwarte gal, gele gal, bloed en slijm. Een mens was gezond als deze elementen in de juiste verhouding in zijn of haar lichaam zaten. Bij ziekte was er sprake van disharmonie. Ook bij geestesgestoorden was dit het geval. Zij werden in de Middeleeuwen heel anders behandeld dan vandaag de dag. Ze werden verzorgd door hun ouders of andere familieleden, of, als die er niet waren, door de plaatselijke overheid. Ze hadden in zekere zin een functie binnen de dorps- of stadsgemeenschap: ze dienden ter ontspanning en vermaak voor de 'gewone' mensen.