Hompage Universiteit Utrecht
 Home    Onderwerpen    Zoeken op profiel
Kunst en literatuur als geschiedschrijving
Tussen fictie en werkelijkheid

Bij geschiedschrijving denken we automatisch aan geschiedenisboeken. Maar ook kunst en literatuur kunnen 'geschiedschrijven'. Het vlot van de Medusa is een beroemd schilderij van Géricault. De burgers van Calais is een beroemde beeldengroep van Rodin. Beide kunstwerken beelden een gebeurtenis uit die in het verleden plaatsvond, bij Gericault in een nabij verleden, bij Rodin in een ver verleden. Kunstenaars reageren vaker op het nieuws, soms herkenbaar, soms op een meer versluierde manier, soms op een verheerlijkende wijze. Daumier dreef de spot, Kollwitz liet de gevolgen van de oorlog zien, Manet doet ons toekijken bij een executie... Ook poëzie kan dienen als geschiedschrijving. Als er in Amsterdam in de 17de eeuw wat te vieren of te betreuren viel - de bouw van een nieuw stadhuis, het overlijden van de burgemeester - werd de grote dichter Vondel gevraagd een gedicht te schrijven. Hij bracht voor alle Amsterdammers onder woorden wat de gebeurtenis betekende.

Kunstwerken en gedichten kunnen ons iets vertellen over een gebeurtenis in het verleden. Een kunstwerk is echter niet noodzakelijk dé juiste weergave van de geschiedenis. Het is de interpretatie van de kunstenaar en dus geen objectief beeld.

Werkelijkheid is een moeilijk te bevatten begrip. Vaak ontstaan er discussies over de grens tussen fictie en werkelijkheid. Je kunt je afvragen in hoeverre kunst en literatuur een representatief beeld van de historische werkelijkheid schetsen en dus als geschiedschrijving kunnen dienen.